Wij zitten in Almere en rijden naar Roosendaal met de tijd ervoor ingepland, niet tussen twee klussen door. Bij een pand met een terrein begint dat met een rondje om de buitenkant. Waar kan iemand het erf op zonder langs een deur te komen, waar staat wat er weg te halen valt, en welke route neemt hij terug.
Pas daarna meten we. Afstand van het hek tot de meterkast, hoogte van de gevel, waar de bestaande buitenverlichting hangt en of er stroom in de buurt van de inrit ligt. Boven de negentig meter kabel valt de voeding weg en moet er een tussenpunt komen. Dat wil je weten voordat de bus wordt ingeladen, niet halverwege de dag.
Je krijgt daarna een cameraplan waarin per positie staat wat die camera moet kunnen aantonen: zien dát er iemand was, of zien wie het was. Dat verschil is ruwweg een factor tien in pixels per meter, en het is de duurste fout in dit vak.
Op de dag zelf zit het meeste werk in kabels, niet in camera’s. Aan het eind lopen we samen de app door, zetten we de meldingen zo dat je er niet knettergek van wordt, en spreken we af wanneer we terugkomen om de detectie bij te stellen.