Wat er in het cijfer zit
Het CBS houdt geregistreerde misdrijven bij in categorieën. De categorie die er hier toe doet heet diefstal en inbraak, en die is breed. Er zit een woninginbraak in, maar ook een gestolen fiets, een tas uit een auto, winkeldiefstal en zakkenrollerij.
Dat verschil is groot. Amsterdam staat in deze cijfers op 45.075 gevallen van diefstal en inbraak. Het aantal woninginbraken in die stad ligt in de orde van drieduizend per jaar. Wie het eerste getal presenteert alsof het over inbraken in huizen gaat, zit er dus een factor vijftien naast.
Er is geen aparte kolom woninginbraak in deze tabel van het CBS, en wij gaan er ook geen maken door te schatten. Wat je hier ziet is de brede categorie, en zo noemen we hem ook.
Waarom het gemiddelde misleidt
Over deze 63 gemeenten samen, goed voor bijna negen miljoen inwoners, gaat het om 251.660 gevallen van diefstal en inbraak. Dat is gemiddeld 28,2 per duizend inwoners.
Maar kijk waar dat gemiddelde vandaan komt: twaalf gemeenten zitten erboven, eenenvijftig eronder. Het zijn een handvol grote steden die de rest omhoogtrekken. Voor de meeste plaatsen in deze lijst is het landelijke gemiddelde dus een getal waar ze niets aan hebben.
De uitersten liggen ver uit elkaar. Amsterdam komt uit op 48,2 per duizend inwoners, Eemnes op 9,6. Dat is een factor vijf. En zelfs binnen één gemeente zegt het gemiddelde weinig, want een binnenstad met uitgaansgelegenheden en een villawijk aan de rand staan in dezelfde kolom.