Dat meldde NH Nieuws in februari 2024 over een woonbuurt in Hoofddorp, en het bleef niet bij die ene keer. In februari 2025 schreef een lokale krant over een reeks auto’s van hetzelfde merk die in Nieuw-Vennep en Hoofddorp in dezelfde periode werden opengebroken. In maart 2026 hield de politie een achttienjarige aan na een nachtelijke auto-inbraak in een woonstraat, met een oproep aan getuigen. Ook in een parkeergarage onder een winkelgebied werden auto-inbrekers opgepakt.
Het patroon is steeds hetzelfde. Niet een auto die los langs de weg staat, maar een rij auto’s bij elkaar op een plek waar overdag geen bewoner doorheen loopt. Precies de parkeerhoven en achterterreinen die in de wijken van na 2000 zo netjes zijn weggewerkt.
In juni 2026 stond in de krant hoe een gedupeerde zijn gestolen spullen honderd kilometer verderop online zag opduiken, waarna de politie een verdachte aanhield. Mooi afgelopen, maar het is geluk. Een beeld waarop je ziet wie er om drie uur ’s nachts langs de portieren loopt, is dat niet.
Het tweede dat dit jaar speelde, ging niet over auto’s. In april 2026 werd een tabakszaak in een winkelcentrum in Hoofddorp overvallen, kort nadat de zaak open was; in mei werden daarvoor twee minderjarigen aangehouden. In januari was er een overval op een speelhal in de gemeente, en een paar dagen later wisten medewerkers van een andere zaak een overval te voorkomen. Sinds maart 2026 hangt de gemeente zelf camera’s op in het centrum van Hoofddorp, omdat het onveiligheidsgevoel op het centrale plein het grootst is.
Dat toezicht kijkt naar het plein. Niet naar jouw toonbank, jouw laaddeur of jouw parkeerhof, en de beelden krijg je niet zomaar. Over heel 2025 registreerde de politie in deze gemeente 4.320 gevallen van diefstal en inbraak, 26,1 per duizend inwoners, plus 360 vernielingen aan auto’s. Bijna al die aangiftes gaan over spullen. Maar het scheelt achteraf of je een grijze vlek hebt of een gezicht.